Thuis in de stad van de toekomst?

Nieuw-West – Hoe zou ‘ons Amsterdam’ er in 2050 uitzien? Hebt u daar al een beeld van? Die vraag had wethouder Ruimtelijke ontwikkeling, Marieke van Doorninck voorgelegd aan zes ontwerpteams, bestaande uit architecten en landschapsarchitecten. De gemeente gaat hun ideeën gebruiken bij het opstellen van een zogeheten ‘Omgevingsvisie’ voor Amsterdam in het jaar 2050. Om misverstanden te voorkómen: het zijn slechts ideeën; het zijn geen concrete bouwplannen!

“Publieke ruimte van metrostation naar Nieuwe Meer (Bron XLÉ, foto: Cees Fisser)”

 

Waarom een omgevingsvisie?

Amsterdam groeit. Een van de vragen die de gemeente moet beantwoorden, is: hoe kan de stad aantrekkelijk blijven voor bewoners? Omdat er veel nieuwe woonruimte nodig is, in totaal 150.000 nieuwe woningen, moet de gemeente zorgvuldig te werk gaan bij het reserveren van bouwlocaties én plekken die groen of blauw moeten blijven. Daarnaast is ook de vraag: waar liggen kansen voor ondernemers? De antwoorden komen terecht in de ‘Omgevingsvisie Amsterdam 2050.’

 

Ruimte beter benutten

De zes ontwerpteams hebben hun ideeën omgezet in zogeheten “artist’s impressions”. Dat zijn globale schetsen hoe delen van de stad er in 2050 zouden kunnen uitzien. De schetsen geven vooral een beeld hoe de bestaande ruimte in de stad in de toekomst ‘beter benut’ kan worden en wat dat kan opleveren. Wethouder Ruimtelijke ontwikkeling, Marieke Van Doorninck (GroenLinks) zei eerder deze maand hierover bij de opening van de tentoonstelling van alle schetsen: “Een Omgevingsvisie is een visie voor hoe we het landschap, de omgeving van de stad kunnen beschermen tegen de oprukkende stad. Als je groen wil behouden, kun je de stad niet z’n gang laten gaan. Maar ook: kunnen we door een betere ruimtelijke ordening, eenzaamheid terugdringen en sociale cohesie versterken?”

 

Stadsstraat Overtoom-Lelylaan

Een van de toekomstbeelden is de ontwikkeling van de Cornelis Lelylaan. Het is tot stand gekomen in een samenwerking tussen BURA Urbanism en gemeente Amsterdam (Ruimte en Duurzaamheid). Het plan voldoet aan het uitgangspunt: “Gebruik de verdichtingskans om naoorlogse stadsuitbreidingen fijnmazig aan te hechten aan het centrum.” Is die gedachte ontstaan nieuwe centra, die via ‘stadsstraten’ in verbinding staan met het centrum. Waar de ruimte voor vernieuwing langs de Overtoom beperkt is, kan een herinrichting van de Lelylaan, bijvoorbeeld afgraven van de verhoogde ligging, veel ‘bruikbaar oppervlak’ opleveren. Zo ook kan de aanleg van een metrolijn én de afwaardering van de A10-West leiden tot minder verkeer en nieuwe bouwmogelijkheden. Dan is er ook ruimte voor nieuwe, doorgaande fietsroute tussen Osdorp en de Overtoom.

 

Nieuwe Meerstad

Voor de variant ‘Stad aan landschap en spoor’ is een ontwerponderzoek gedaan naar de Oeverlanden/Schinkelkwartier (ten noorden van De Nieuwe Meer). De verwachting van ontwerpbureau NLÉ (www.nleworks.com) is, dat het zwaartepunt van stadsuitbreiding naar het zuiden van Amsterdam verschuift. NLÉ: “Daarbij vormt De Nieuwe Meer het centrum van een gezonde, diverse en ecologische stadsontwikkeling.” NLÉ gaat er vanuit dat bij de Anderlechtlaan een metrostation komt [van een doorgetrokken Noord/Zuidlijn; red.]. Hoewel de gemeente deze ideeën alleen gebruikt bij het schrijven van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050, dan nog kan de artist’s impression van een nieuwe recreatieplek aan De Nieuwe Meer, bij bewoners in Sloten en Nieuw Sloten voor wat onrust zorgen. Vandaar dat de gemeente uw verslaggever op het hart gedrukt heeft, toch vooral te benadrukken dat het slechts ideeën zijn; geen concrete bouwplannen. Bij deze!

 

Tentoonstelling bij OBA

De ideeën van de ontwerpbureaus worden tot en met 12 november 2020 tentoongesteld in de hoofdvestiging van de Openbare Bibliotheek Amsterdam, Oosterdokskade 143 (toegang gratis). Ze vormen de basis voor het opstellen van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050. Zie www.oba.nl voor de coronamaatregelen. Wie zijn of haar reactie achterlaat, werkt mee aan de toekomst van de stad.

© CEES FISSER