Politieke column: Echoput

Het politieke debat is aan het polariseren. Partijen vergroten hun onderlinge verschillen uit om zich maar zo goed mogelijk te kunnen profileren. Daarbij worden ze geholpen door de snelle dynamiek van social media, maar ook tegengewerkt: de burger is daar namelijk minstens zo fel in zijn kritiek op politiek en overheid. Feller dan ooit, zeker als het gaat om lokale kwesties die hen direct raken.

 

Eerst de politiek zelf: in Nieuw-West was er geen debat dat zo polariseerde als het parkeerdebat. Onder druk van strenger parkeerbeleid vanuit de Stopera (blauwe zones moeten bijvoorbeeld verdwijnen) kwam het stadsdeelbestuur met een plan om betaald parkeren uit te breiden.

Een meerderheid van de stadsdeelcommissie schreeuwde moord en brand. Natuurlijk, die extra kosten heb je liever niet. Maar je drijft de tegenstellingen wel op de spits door te beweren dat er geen parkeerdruk zou zijn in Nieuw-West. Of door met zeven (!) politici naar een bewonersavond te komen en daar allemaal zelf het woord te voeren, zoals DENK deed. Of door met een tegenvoorstel te komen waarin blauwe zones gewoon blijven bestaan – terwijl je weet dat het stadsbestuur die gaat afschaffen.

Met zulke loze beloften strooi je de burger zand in de ogen. Dan ben je aan het polariseren. Terwijl je doel zou moeten zijn om samen een oplossing te zoeken die echt werkt. De problemen voor je uit schuiven is te makkelijk. Daarom kun je het ook gewoon als een mooi compromis zien dat het stadsdeelbestuur in zijn aangepaste plan voorstelt om de tarieven voor vergunningen en bezoekers aanzienlijk te verlagen.

Polarisatie groeit ook tussen bewoners en de politiek als geheel. Daar helpt het uitvergroten van problemen door politieke partijen natuurlijk niet aan mee: daarmee zaai je wantrouwen tegen de overheid. Maar ook bewoners zelf verleggen de grenzen. Neem nou Nico van Gog, een actieve twitteraar die beleidsdocumenten en vergunningen uitpluist op zoek naar fouten. Prima dat hij dit doet, maar hij trekt er geregeld veel te extreme conclusies uit, alsof de stad wordt bestuurd door de maffia.

Afgelopen week noemde hij Erik Bobeldijk, stadsdeelbestuurder in Nieuw-West, op Twitter “de grootste sjoemelaar, groensloper, bubbeltripper, parkripper, stadsvernietiger, bewonersnaaier, Kota Kultura-likker, bomenzager, mislukte SP’er en schijnsocialist.”

Dat is ronduit karaktermoord. Ik zei daar iets van (en ja, ook ik deed dat stevig), maar het politieke debat is dusdanig gepolariseerd dat ik als politicus door velen al bij voorbaat als De Vijand word gezien. Ik kán geen gelijk hebben, want ik zit in de politiek. Het online debat leidde uiteraard niet tot enig excuus of verschuiving van inzicht.

Dit is de situatie waar wij ons momenteel in bevinden. Het politieke landschap is totaal gepolariseerd. Partijen reageren steeds feller op elkaar, terwijl bewoners weer steeds feller reageren op de gehele politiek en de gehele overheid. Doodzonde, want we hebben allemaal één ding gemeen: onze strijd voor de goede zaak. Zowel burger als politiek. Laten we eens wat beter naar elkaar gaan luisteren in plaats van meteen te beginnen met schreeuwen in onze eigen echoput.

 

Jeroen Mirck zit sinds 2010 in de D66-fractie van Nieuw-West en schrijft columns over de lokale politiek van Amsterdam.

www.jeroenmirck.nl