ONS-directeur Bert Verkade zwaait af

“Voor de klas? Een erg goed vak”

Anja Maas

Badhoevedorp. Een selfie naast een kartonnen “Bert Verkade”. Ja, dat willen de leerlingen van de Oranje Nassau School (ONS) best bij het afscheid van hun directeur. Maar liever  gaan ze ‘live’. “We hebben 560 leerlingen. Ik heb er nu 100 ‘herinneringen’ opzitten. Wordt dus nog druk.”

 

Het is vrijdag 13 juli en Bert Verkade staat op de drempel van zijn allerlaatste werkweek. Woensdag 18 juli is er een officiële receptie, donderdag 19 juli volgt het afscheid met de kinderen. “Het was een speciaal jaar. Met veel extra’s vanwege mijn vertrek. Leuk! Ik ga met een goed gevoel met pensioen, na een plezierige loopbaan. De ONS laat ik achter met een geweldig team, onder leiding van mijn opvolgster Yvonne Woestenburg. Ik heb het volste vertrouwen in een mooie toekomst voor deze school.”

. Bert Verkade doet deze week de deur van de ONS voor de laatste keer dicht!

Zijn loopbaan mag er zijn. Liefst 42 jaar werkte hij in het basisonderwijs. “Eerst voor de klas, maar na vier jaar werd ik in Rotterdam benoemd tot waarnemend schoolhoofd. In 1981 werd ik ‘hoofd’ van een nieuwe school in Delft, in 1985 ging ik voor eenzelfde functie naar Borne. ‘Schoolhoofd’ was overigens toen al ‘directeur’ geworden. In 1990 volgde Haarlem, in 1993 Hillegom. En in 2002 werd ik benoemd bij de ONS in Badhoevedorp. Terugkijkend kan ik alleen maar zeggen: de start van 16 mooie jaren.”

 

Bij de geboren Vlaardinger kwam een baan in het onderwijs  al vroeg in beeld. “Mijn vader zei dan: dit is onze Bert, die wil meester worden. Dat ben ik dus geworden, maar niet meteen. Ik heb eerst iets anders gedaan. Maar dat beviel me niet, dus ben ik toch voor meester gegaan.”

Gedurende zijn loopbaan is er veel veranderd. “Er zijn andere  lesmethodes. Puur klassikaal bestaat niet meer, we kijken veel meer naar het individuele kind. Een goede ontwikkeling.”. Hij beleefde de opmars van de computer. “Wat zijn we nog zonder ICT? En dan wil ik benadrukken: er gaat daarmee veel goed. Alleen heeft dat wel lang geduurd. Er is door de overheid veel overgelaten aan de scholen zelf. Wat mij betreft teveel. Strakkere begeleiding zou op zijn plaats zijn geweest”. En in het klaslokaal?  “Een juf of meester die goed een verhaal kan vertellen is weer belangrijk. Dat leerden wij vroeger: de kunst van een verhaal vertellen. Maar dat was een tijdje helemaal uit beeld. Nu is dat – gelukkig – weer terug. Anders, sneller. Maar de kinderen willen weer luisteren.”

We filosoferen over het leerkrachtentekort. “Dan zeg ik: Nederland heeft heel goed onderwijs, maar je hoort alleen maar geklaag. Natuurlijk gaat er wat mis. Maar, en daar ben ik weer, er gaat ook veel goed. Enquêtes laten zien, dat we in Nederland de gelukkigste kinderen hebben. Bij zo’n uitkomst heeft de situatie op school zeker meegespeeld. Daar moeten we dan toch trots op zijn. Kwalitatief staan we in de top10. Knap, zeker als je kijkt naar wat we kunnen besteden. Ik zeg: benoem de pluspunten. Minder negativiteit verhoogt de aantrekkelijkheid van werken in een bepaalde branche. Het onderwijs is heel veelzijdig. Het is een vak waarmee je midden in de maatschappij staat. Ik heb van mijn keuze nooit spijt gehad.”

 

Als hij deze week voor het laatst de schooldeur dichtdoet, krijgt hij alle tijd voor zijn gezin en hobby’s.  “Mijn vrouw, 2 volwassen kinderen en 3 kleinkinderen. Ze zullen me zeker vaker zien”. Zijn hobby’s? “Ik hou van pianospelen en spoortreinen. Miniatuur en echt. Historische treinen, het grote lokaalspoor in het Westland, waar ik vandaan kom. Prachtig!”  Reizen doet hij ook graag. “Engeland, Schotland, Wales, een walhalla als het gaat om historische spoorlijnen. Maar ook andere bestemmingen. Groot voordeel: we hoeven niet meer in het hoogseizoen met vakantie. Daarom waren we nog nooit in Spanje, want dat vonden we  te heet. Nu kunnen we gaan, wanneer we willen. Dus Spanje, we komen eraan!