En we noemen ‘m: de Boy Ecurybrug

Amsterdam telt maar liefst 1680 bruggen en de meeste daarvan zijn naamloos. In 2016 riep het college bewoners dan ook op om namen in te dienen. Want: een brug met een naam, dat is leuk en handig. Ook in Nieuw-West gaven mensen hieraan gehoor. In een serie komen de naamgevers aan het woord. Dit keer: Lex Uittenbogaard die in de verzetsheldenbuurt waar hij woont graag een overzeese held vernoemd wilde hebben.

Tekst: Shirley Brandeis

foto: Jaap Wals

“Twee keer per dag loop ik over deze brug. Toen ik de oproep van de gemeente las om naamloze bruggen een naam te geven en ging googlen, zag ik dat de brug nog geen naam had. Alleen een nummer: de 788, over de Anielewiczsingel in het verlengde van de Romerostraat. Een buurt met straatnamen van Nederlandse en internationale verzetshelden, maar geen enkele straat of geen enkel plein is vernoemd naar een verzetsheld uit een voormalige kolonie. Boy Ecury moest erbij, vond ik. In Nederland is hij geen bekende, op Aruba – waar ik geboren ben en nog geregeld kom – heeft hij een standbeeld. Je kunt hem daar vergelijken met Soldaat van Oranje hier. Zijn geschiedenis is schrijnend. Hij kwam als tiener naar Nederland, drie jaar later brak de Tweede Wereldoorlog uit. Hij ging in het verzet, liet treinen ontsporen, hielp onderduikers en werd uiteindelijk zelf verraden en op 22-jarige leeftijd gefusilleerd. In 1947 is hij met militaire eer op Aruba herbegraven.
Hij verdient een brug vind ik en dat verzoek werd door de gemeente gehonoreerd. Dat het een brug met zijn naam is geworden, vind ik mooi vanwege de symboliek. Een brug verbindt hier twee wijken over het water, zoals Boy Ecury Aruba en Nederland over groot water verbindt. Mooi was ook dat bij de onthulling van het naambord naast politici en mensen van het 4 en 5 mei comité uit Zuidoost ook Guilfred Besaril en Nuris Dabian van het Arubahuis, de officiële vertegenwoordiging van de Arubaanse regering in Nederland, aanwezig waren. En Giselle Ecury was erbij, zij is een nicht van de verzetsheld. Ze is naast romanschrijfster ook journalist bij het Antilliaans Dagblad en zal mij interviewen voor de editie van begin mei. Al die aandacht voor Boy Ecury doet me goed. Zo leren nog meer mensen zijn naam kennen.”