Dag Ans!

Osdorp – Ruim 25 jaar was ze het vaste gezicht voor menig klant en vele collega’s. Aanstaande zaterdag bereikt Ans Schlebaum de pensioengerechtigde leeftijd en zal ze afscheid nemen van haar vaste werkplek tussen de kamerplanten van Tuincentrum Osdorp. Collega’s reageren vol waardering, maar ook een beetje ontredderd. “Hoe weten we nu dat het pauze is?”

Shirley Brandeis

“Deze baan werd me op een presenteerblaadje aangereikt,” zegt ze dankbaar als we in het restaurant – onder de door haar opgemaakte schalen met planten – een cappuccino drinken. Voor 1990, het jaar dat ze in dienst kwam, ging Ans al geregeld voor de plantjes en een broodje naar het tuincentrum. “Ik vond het altijd een relaxed uitje.” Hardop sprak ze indertijd uit bij de kassa dat ze er best zou willen werken. Een half uur later stond ze buiten met een nieuwe baan. Ans: “Ik was facturiste van beroep en ik wilde iets heel anders. Bij de kassa hing een briefje voor zaterdagmedewerkers. Jammer, zei ik hardop. Maar ook door de week bleek er plek!”

Ans Schlebaum

Ans Schlebaum

Ans kassa!
Die plek aan de kassa werd anderhalf jaar later ingeruild voor die tussen de kamerplanten. Daar maakt ze groene stukken op, houdt ze de afdeling op orde en staat ze tuincentrumbezoekers te woord. Ook de caissières bleef ze trouw. Als het pauze is, wordt Ans even naar voren geroepen – “Ans kassa!!!!” klinkt het dan – en weet iedereen: het is half twaalf. “Dat zal ik zo missen!” zegt de ene collega. “Hoe weet ik nu dat het half twaalf is?” grapt een ander.

Harem
Ans blikt heel wat jaren terug. “Ik heb nog onder oprichters Hen en Els Ottenhof gewerkt, in de tijd van voor de uitbreidingen. Ik werkte hier al toen we met het hele groepie, voordat de donderdagavondverkoop begon, samen aten.” Inmiddels telt Tuincentrum Osdorp (anno 1960) 16.500 vierkante meters, staat Ruud Ottenhof (zoon van) aan het groene roer en is ook het aantal medewerkers verveelvoudigd. Ans: “En toch voelt het klein, als een groep, er is saamhorigheid. Gisteren was ik nog eten met Mo en de dames van de kamerplanten. Lol dat we dan hebben.” ‘Mo en z’n harem’ wordt het groepje genoemd en allemaal zijn ze verdrietig dat Ans vertrekt. “Het is zo’n zachtmoedige, lieve vrouw,”zegt Mo. “Ze heeft humor en is ondernemend,” zegt Loes van de kassa. “Ze is een van mijn beste vriendinnen,” snottert Carla. En hoofdcaissière Gitta, haar wekelijkse Salsa-maatje: “ Ans is zo lekker spontaan, en echt een gevoelsmens.” En natuurlijk heeft ook iedereen haar andere kant. Gitta knikt. “Als ze moet invallen bij de kassa en ze heeft geen zin, doet ze er wat langer over voor ze bij ons is. Staat ze dan eindelijk hier, zeggen we: ben je soms over Timboektoe gekomen!”
Roti en Yahtzee
Tijdens het gesprek ziet Ans klanten die ze al jaren kent voorbij lopen, tikken collega’s haar aan (“Ik zal je missen, Ans!”) en laat ze af en toe een zucht. Ja, ze kijkt er naar uit om alle tijd van de wereld te hebben. Om veel te wandelen, om te gaan reizen, om lekker met Saartje de hond erop uit te gaan naar het strand. “Ik ben een bezig bijtje, dat komt wel goed.” Maar toch, het tuincentrum is al een kwart eeuw een belangrijk deel van haar leven. “Ik heb hier vriendschappen opgebouwd, klanten als kennissen leren kennen. Mensen delen veel met je tussen de planten.” Ze sluit een leuk stuk leven af en begint aan een nieuw hoofdstuk. Een deel van een boek waarin nog genoeg plek is voor de oud-collega’s, die alweer uitkijken naar een avondje roti eten en yahtzeeën bij Ans. “En ik kom natuurlijk als klant nog naar het tuincentrum. Ze grappen hier nu al dat ze me straks misschien wel een winkelverbod moeten geven!”

Deel dit bericht